‘We willen qua voedsel graag zelfvoorzienend worden’.

 Carla (50) en Ronald (56) Mullié-Dallinga zijn van de Randstad naar de Achterhoek verhuisd. Ronald: „Er komen hier regelmatig jagers.” Carla: „Zelf schieten we niet, daar zijn we toch te stads voor.”

 Door Friederike de Raat,  NRC, 13 december 2014  Foto's: David Galjaard.

 

NRC.Spitsuur.Carla_en_Ronald_LowRes.jpg 

Carla:„Ik zou wel graag wat meer quality time willen hebben.”Ronald: „Even koffie drinken in de tuin.”

‘Tot onze enkels in de blubber’

Carla: „Voordat we in 2013 naar de Achterhoek kwamen, woonden we in Maasland, in een monumentaal huisje aan een gracht. Een geweldige plek. We produceerden er ambachtelijke producten aan huis: liquorette, jam, chutney en mosterd. Maar het huis had ook nadelen: er was geen ontvangstruimte voor bezoekers, geen opslagruimte en leveranciers konden niet bij ons huis komen.”

 

 NRC.Spitsuur.Portret_Ronald_LowRes_2.jpg  NRC.Spitsuur.Portret_Carla_LowRes.jpg

 Ronald Mullié (56) is kunstenaar en samen met zijn vrouw eigenaar van De Witte Lelie, productiebedrijf van onder andere ambachtelijke producten. Ze wonen in een boerderij bij Winterswijk.

Carla Mullié-Dallinga (50) is ook kunstenaar en eigenaar van De Witte Lelie. Ronald en Carla hebben ieder twee volwassen kinderen uit een eerdere relatie. Hun inkomen is modaal.

Ronald: „Toen zijn we op zoek gegaan naar een plek met meer ruimte, midden in de natuur. We hebben gekeken naar een fort bij Amsterdam, maar dat was te vochtig. We hebben boerderijen bekeken in Overijssel, maar die lagen te dicht bij een snelweg of de schuren waren al in gebruik.”

Carla: „Via het Geldersch Landschap zijn we toen in het buurtschap Woold bij Winterswijk terechtgekomen. We waren hier nog nooit geweest. We zakten meteen tot onze enkels in de blubber, maar we waren wel meteen verkocht. Het is hier zó mooi!”

Ronald: „We hoefden niet te wennen aan de overgang van de Randstad naar de Achterhoek. We zijn ondernemend en houden van nieuwe impulsen.”

Carla: „We hebben hier een terras, serveren high tea, koken voor gasten. Volgend jaar gaan we een cursus beeldhouwen geven, we zijn tenslotte allebei kunstenaar.”

Ronald: „Toen we hier kwamen wonen, hebben we een ‘intrekkersmoal’ georganiseerd voor de buurt. Toen hoorden we erbij.”

Carla: „Het enige wat ik hier mis, is de zee.”

Ronald: „Het is hier wel 180 graden anders dan in Maasland. In het begin had ik het gevoel dat we in het tv-programma Ik vertrek waren terechtgekomen.”

Carla: „De gierkelders zaten nog vol en bij regen liep alles onder water, want er was geen afvoer. Toen heeft het Geldersch Landschap goten gegraven.”

Ronald: „Wat prettig is dat je hier wordt omringd door natuur en relaxte, hardwerkende mensen. Dat geeft een energieke sfeer. We werken zelf ook altijd. Er is veel te doen: de moestuin, snoeien, fruit plukken.”

 ‘We zijn rasoptimisten’

Carla: „Ronald is altijd kunstenaar geweest en had leerlingen. Ik heb 25 jaar lesgegeven op een basisschool. Maar ik zat meer achter de computer en in vergaderingen dan dat ik met die kinderen bezig was. Dat vond ik niet leuk meer. In 2009 hebben we het roer omgegooid en zijn we een theetuin en winkel in ambachtelijke producten begonnen. Intussen exposeerden we ook samen: foto’s, beelden en installaties.”

Ronald: „Onze boerderij is nu ook weer ingericht met allerlei verzamelingen, zelfbeschilderde muren, het is een Gesamtkunstwerk.”

Carla: „Ik heb geen moment terugverlangd naar het onderwijs. We schakelden gewoon over op het volgende.”

Ronald: „Ja, we denken met plezier terug aan wat was en gaan dan weer met het volgende avontuur aan de slag.”

Geld

Ronald: „Privé halen we zo min mogelijk geld uit het bedrijf, want het moet groeien. We hebben ook weinig tijd om geld uit te geven, bovendien is het in deze omgeving niet makkelijk om je geld kwijt te raken.”

7.30 uur  Ronald en Carla staan op. Ze ontbijten samen aan de tafel met uitzicht op de moestuin en het reeënweitje.

8.00 uur  Aan het werk. Ronald leest mails en doet de administratie, Carla neemt de bestellingen door.

10.00 uur  Ze drinken samen koffie en bespreken de werkzaamheden.

10.15 uur  Carla denkt na over nieuwe producten, bakt scones als er die middag een high tea is geboekt.

12.30 uur  Ronald en Carla lunchen en gaan daarna inkopen doen. ’s Middags werken ze in de moestuin.

17.30 uur  Tijd voor het avondeten. Als er dinergasten zijn, dan eten Ronald en Carla ‘tussendoor’.

20.00 uur  Doorgaans is de werkdag ten einde. Daarna kijken ze nieuws, lezen ze en schrijven ze ieder aan een roman.

23.00 uur  Als er een gastendiner is geweest, wordt er eerst nog schoongemaakt. Maar normaal is het bedtijd.

Carla: „Af en toe gaan we één of twee dagen weg om inspiratie op te doen. Dan bekijken we een kasteel of een tuin. Een paar jaar geleden hebben we een studiereis gemaakt langs producenten van ambachtelijke producten in Frankrijk, Spanje en Portugal.”

Ronald: „Als we geld uitgeven, is dat bijvoorbeeld aan een aanvulling op onze aardewerkcollectie. Dat aardewerk staat er voor het mooi, maar we gebruiken het ook voor high teas.”

Carla: „Mensen vragen vaak waar we zelf wonen. Nou gewoon, hier. De kamer waar we gasten ontvangen, is ook onze eetkamer. En de keuken gebruiken we zowel zakelijk als privé.”

Ronald: „Privé en bedrijf zijn één bij ons.”

‘Zelf brood bakken’

Ronald: „We willen qua voedsel graag zelfvoorzienend worden. We hebben al een moestuin. En er komen hier regelmatig jagers. In ruil voor een schilderij van een haas of vos krijgen we dan een haas. We hebben al geleerd hoe we die moeten villen.”

Carla: „Zelf schieten doen we niet, daar zijn we toch te stads voor. Op onze plannenlijst staat nu gefilterd water uit de waterput.”

Ronald: „En we willen zelf brood gaan bakken.”

Carla: „Ik zou wel graag wat meer quality time willen hebben, tijd om even wat langer te genieten.”

Ronald: „Even koffie drinken in de tuin.”

Carla: „Maar we moeten altijd dóór, omdat er van alles op de planning staat. Al maken we die planning zelf, natuurlijk...”

Ronald: „Maar we kunnen niet twee weken niets doen, dan gaat het fout met het financiële plaatje.”

Carla: „En je kunt je klanten niet teleurstellen.”

Ronald: „Maar voorlopig gaan we niet terug naar de Randstad.”

Carla: „Eerst moet het bedrijf tot bloei komen. Daarna gaan we misschien wel weer met een nieuw project aan de slag. We zien altijd overal mogelijkheden.”

 

 

Een versie van dit artikel verscheen op zaterdag 13 december 2014 in NRC Handelsblad.
Op dit artikel rust auteursrecht van NRC Handelsblad BV, respectievelijk van de oorspronkelijke auteur.